Borderline

Borderline is een persoonlijkheidsstoornis die jammer genoeg veel voorkomt. Mensen met deze stoornis zijn extreem in gedachten, gevoelens en gedragingen. Graag had ik jullie uit mijn eigen ervaring verteld hoe het is om te (over)leven met borderline…

 

Toen ik net 18 jaar geworden was, belandde ik op de spoedafdeling van het ziekenhuis in Lier, omdat ik in een depressie zat en mezelf erg had verwond. Door mijn depressie spijbelde ik vaak op school om de hele dag in bed te blijven liggen, tot mijn klastitularis me plots opbelde op een ochtend en zei dat het genoeg geweest was en ik onmiddellijk naar school moest vertrekken. Ik nam toen al een half jaar antidepressiva. De spoedarts heeft me toen laten opnemen op de PAAZ-afdeling van het ziekenhuis. Een opname? Het was allemaal nieuw voor mij dus ik was ontzettend nerveus en ook bang. Ik werd naar mijn kamer gebracht en moest afscheid nemen van mijn vader.

De volgende ochtend werd ik gewekt door de verpleging. Ik was nog moe want had geen oog dicht gedaan die nacht. Ik werd naar de eetzaal begeleid en mocht plaatsnemen aan één van de tafels waar ook nog andere patiënten zaten. Ik ging zitten, en kreeg al snel een brutale opmerking van één van de patiënten dat dit HAAR plaats was en dat ik een andere stoel moest zoeken. Ik stond snel recht, en liep naar een andere tafel waar ik wel welkom was.

Het groepje aan mijn tafel begroette me. We kregen onze plateau met ontbijt op en begonnen te eten. Mijn brood was droog, had al harde korsten, het beleg zag er niet uit dus mijn honger was snel over. De mensen aan mijn tafel begonnen tegen elkaar te praten over hun problemen en ik weet nog dat ik toen dacht “Oh jeetje, waar ben ik in godsnaam beland want mensen praten hier over hun zielige leven.”

Ik dacht dat ik na het weekend alweer naar huis mocht, maar daar was geen sprake van want ik moest blijven omdat ik ‘niet in staat was’ om mijn dagen thuis door te brengen. Maar liefst 7 weken lang zat ik daar op de gesloten afdeling en bestonden mijn dagen uit slapen, muziek luisteren, tv kijken en ontzettend hard vervelen want ik had niks om handen. Af en toe kregen we een algemene therapie die ik oersaai vond omdat ik het nut er niet van inzag en nooit begreep waar de therapeuten hun punt wouden maken. De sessies waren niet gericht op bepaalde problematieken dus ik had er niks aan en voelde ik mij er achteraf niet beter door.

Na elke nieuwe week die begon voelde ik me alleen maar slechter omdat ik opgesloten zat op de afdeling daar. Er stond een cijfercode op de deur en alleen patiënten die te vertrouwen waren mochten naar buiten, en daar hoorde ik niet bij. Mijn mening hierover? Ik voelde me in een kippenhok zitten waar honderden kippen samengeperst in rondliepen, die bijna geen adem meer kregen door gebrek aan ruimte en frisse lucht waardoor ze helemaal gek werden. Toen ik na die 7 weken eindelijk naar huis mocht was ik dus ook ‘gekker’ dan toen ik er net was binnengekomen. Het ging alles behalve goed met mij, maar ik dacht dat ik mijn mannetje wel kon staan.

Ik was terug thuis en het was bijna zomervakantie op school, dus ook de examenperiode stond voor de deur. Ik had toen echt een lieve klastitularis waarvan ik best veel steun heb gekregen in die periode. Ik ben toen ook gewoon mijn examens gaan afleggen en tot mijn eigen verbazing was ik geslaagd, ondanks dat ik veel leerstof had gemist tijdens mijn opname. Ik had een gevoel van trotsheid, maar al snel was dat gevoel verdwenen omdat ik mij psychisch nog steeds heel slecht voelde.

Eindelijk was het zover, vakantie… Ik dacht dat ik me tijdens de zomermaanden wel weer beter zou gaan voelen omdat ik dan twee maanden eens goed kon uitrusten, maar het ging terug bergaf met mij. Ik had plots een rare gewoonte gekregen om telkens enkele tabletten van mijn antidepressiva in te nemen als ik me slecht voelde, in de hoop dat ik er weer vrolijk van zou worden. De inname van mijn antidepressiva werd problematisch en ik had geen grip meer op mezelf.

Mensen in mijn omgeving maakten zich zorgen over mij, dus na veel gesprekken te hebben gehad met enkele familieleden besloot ik vrijwillig terug in opname te gaan. Zo kwam ik terecht op een crisis-afdeling van het Psychiatrisch ziekenhuis in Duffel.

Terug in opname?

Ik moest nog steeds wennen aan het idee dat ik terug in opname was, want het was helemaal anders dan mijn ‘normale’ leven in de realiteit. Ik wist dat er iets met mij aan de hand was omdat ik me zo slecht voelde en omdat ik constant negatieve gedachten had over mezelf en over het leven. Daarom besloot ik om mijn studie volledig aan de kant te zetten en echt aan mezelf te gaan werken. Ik wou beter worden. Dit vond ik in het begin echt moeilijk, maar al snel kwam het besef dat ik mijn studies later nog kon inhalen en dat IK nu even prioriteit was.

Een tweetal weken verbleef ik op de crisis-afdeling, tot ik nadien naar een andere afdeling mocht (Fase 3), waar ze meer gespecialiseerd waren in het geven van diagnoses en daarna een verdere behandeling konden aanbieden. Ik kreeg er een kamer voor mij alleen met een bed, bureau, enkele kasten en een eigen badkamer. Dit vond ik fijn, want ik had nu mijn eigen plekje.

Toch was het een hele aanpassing en kon ik mijn donkere gedachten niet meer verdragen. Ik deed mijn eerste zelfmoordpoging door een overdosis te nemen en belandde in het ziekenhuis. Daar moest ik een hele fles van het ranzige spul ‘actieve kool’ leegdrinken en werd ik aan de monitor gelegd. Het verbaasde me niet, want mijn vader deed ook een poging toen ik 16 jaar was, mijn moeder is vroeger ook veel in opname geweest en haar broer stapte ook uit het leven. Het leek wel een virus in onze familie waarvan ik besmet was geraakt. Zo voelde het.

Ik schat ongeveer een drietal maanden op Fase 3 verbleven te hebben, met veel ups-and-downs. Ik merkte wel dat ik in een hechte groep zat waar iedereen elkaar steunde, wat er ook gebeurde en dat vond ik heel fijn. Het was een warme groep waar ik me ‘thuis’ voelde.

Iedere ochtend werden we gewekt, moesten we naar de leefruimte komen om te ontbijten en nadien was er een dagopening waarin we een overzicht kregen van de therapieën waaraan we konden deelnemen die dag, en werd er een takenlijst verdeeld van wie de tafel moest dekken, naar de winkel moest enz…

Wat ik me nog kan herinneren op de afdeling daar, is dat ik vaak opmerkingen kreeg van de begeleiding die op dat moment bij ons in de groep zat. Ik zou volgens hun op een respectloze/felle manier met groepsgenoten omgaan.

Op het einde van mijn verblijf daar mocht ik mijn dossier inkijken. Ik kon lezen wat ze allemaal over me zeiden en ik was verbaast, omdat ik dacht dat hun beschrijving van mijn problematiek gewoon niet klopte. Blijkbaar hadden ze wel gelijk over mijn gedrag maar zag ik zelf gewoon niet in hoe erg ik soms kon zijn.

In mijn verslag stond dat ik ernstig depressieve klachten had, suïcidaal gedrag vertoonde, controle verloor en identiteitsverwarring had. Ik zou een heel openliggende belevingswereld hebben maar op andere momenten kon ik mezelf dan weer afschermen. Ik zou genieten van alle aandacht die ik kreeg, maar was soms dan ook weer enorm somber en stil aanwezig. Ik had chronische doodsgedachten, een negatief zelfbeeld, eetmoeilijkheden, angst en slapeloosheid. Ook kon ik geen positieve feedback horen, en op momenten van stress greep ik naar alcohol.

52929872_286087332087508_817795084924747776_n

Ik kreeg mijn diagnose: Borderline

Het woord ‘borderline’ klonk me niet onbekend in de oren. Ik wist dat dit een extreme en veelvoorkomende persoonlijkheidsstoornis was. Ik moest wel even wennen aan het idee dat ik deze diagnose gekregen had. Was ik dan ook zo extreem? Was deze diagnose wel juist? Hoe moet ik hier mee omgaan? Ik had zoveel vragen, zonder antwoord.

Ik was 18 jaar toen ik de diagnose borderline kreeg. De therapeuten op de afdeling vonden het niet dringend om er effectief iets aan te doen, want ze stuurden me terug naar school omdat ik nog zo jong was. Zo gezegd zo gedaan. Ik begon mijn schooljaar opnieuw, in een andere klas, met enkele andere leerkrachten enz… Na enkele dagen kreeg ik al een flinke huilbui in de klas waarna ik het klaslokaal verliet, want ik schaamde me voor mijn tranen. Ik kan me nog herinneren dat één van de leerkrachten tegen me zei van “Lisa, zo red je het niet op school hier” en dat was voor mij de druppel. Tijdens de middagpauze verliet ik het schoolgebouw, en ben ik nooit meer teruggekeerd.

Ik liep naar het station, stapte op de trein richting Duffel en ging de afdeling terug binnen. Ik vertelde toen aan de begeleiding dat het echt gewoon niet lukte op school en dat ik eerst aan mezelf wou gaan werken, zodat ik kon leren omgaan met mezelf en mijn problematiek. Ik was me er van bewust dat dit een lang proces ging worden, maar ik wou beter worden, dus aanvaarde ik elke vorm van hulp die ik kreeg.

Een kleine week later mocht ik ‘verhuizen’ naar een andere afdeling op het domein, de Spinnaker. Dit was een afdeling waarbij de therapie gericht was op mensen zoals ik, met een persoonlijkheidsstoornis. Eindelijk kreeg ik de kans om de juiste hulp te krijgen zodat ik op termijn weer goed kon functioneren in de maatschappij. Ik kan me nog herinneren dat ik stiekem op tafel gesprongen was uit vreugde, omdat ik blij was dat ik nu echt geholpen kon worden.

Het was zover, ik verhuisde naar de afdeling, kreeg weer mijn eigen kamertje en begon met volle moed aan de langdurige opname. Ik was een beetje bang voor de nieuwe groep waarin ik terecht kwam, omdat het terug allemaal andere mensen waren die ik moest leren kennen. Allemaal mensen met een persoonlijkheidsstoornis dus ik kan jullie vertellen dat het er soms heftig aan toe ging in de groep, maar iedereen was daar ook nog volop bezig met nieuwe vaardigheden aan te leren om met bepaalde situaties om te gaan dus ruzies hier waren best begrijpelijk.

Ook ik heb vaak mijn mond open getrokken en ruzie gemaakt met groepsgenoten, omdat ik bepaalde gedragingen van hun echt niet kunnen vond. Ik leerde tijdens de therapie wel hoe ik bepaalde dingen op een rustige en beleefde manier kon verwoorden, maar soms hielp dat gewoon niet en was ‘schreeuwen’ de beste manier voor mij omdat de persoon in kwestie dan eindelijk wel luisterde.

Ongeveer 9 maanden lang volgde ik op de afdeling DGT, wat staat voor Dialectische GedragsTherapie. DGT was opgesplitst in 3 grote thema’s: Crisisvaardigheden, Emotieregulatie en Intermenselijke vaardigheden. Ik leerde omgaan met mijn hevige emoties zodat ik weer tot rust kon komen, ik leerde met moeilijke momenten (een crisis) om te gaan zonder negatief te handelen zoals naar drank grijpen of mezelf te verwonden, en ik leerde hoe ik op een goede manier met mijn omgeving (familie, vrienden enz…) kon omgaan om ruzie te vermijden.

Ik kreeg een overzicht van al mijn problematiek zodat ik meer inzicht had in mezelf en zodat ik voor mezelf doelen kon opstellen die ik wou bereiken tijdens mijn opname.

53023822_243166586559787_3512854382758592512_n

52422191_285722005432876_7972726445577338880_n

Om eerlijk te zijn vond ik de eerste maanden echt loodzwaar. Ik werd hard geconfronteerd met mezelf en mijn gedrag, wat ervoor zorgde dat ik vaak zo’n crisismoment had. Ik heb mezelf de eerste maanden dan ook steeds verwond, waarna ik telkens langs de verzorgingsruimte moest en waarbij ik achteraf een ‘kettinganalyse’ moest invullen om inzicht te krijgen waarom ik dit had gedaan en hoe ik dit in de toekomst anders kon aanpakken.

De bedoeling was ook dat als je een crisis voelde opkomen, of je even je hart wou luchten over iets, dat je dan naar het lokaal van de begeleiding kwam om een kort gesprek (max 10 min) te vragen. Dit heb ik bijna nooit gedaan, want de afspraak was dat zo’n gesprek plaatsvond in de deuropening. Aangezien iedereen mij dan kon horen schrok dit mij enorm af omwille van gebrek aan privacy en liep ik maar vlug naar mijn kamer, om daar mezelf te proberen kalmeren.

Tijdens mijn opname werd ik volgepropt met allerlei soorten medicatie. Een antidepressiva, een antipsychotica, slaapmedicatie enz… Op een bepaald moment had ik er echt genoeg van en ging ik voor de harde aanpak zonder al die troep in mijn lichaam. Dit was even afkicken, maar ik had er nadien wel deugd van omdat ik me eindelijk weer mezelf voelde. Mijn mening over het toedienen van medicatie? Bij sommige mensen helpt het om hun stemming te verbeteren of hun emoties onder controle te houden, maar ik ben eerder geneigd om de situatie aan te pakken waarin ik het moeilijk heb in plaats van overal medicatie voor te nemen want dat vind ik erg ongezond voor mijn lichaam en geest!

Na die eerste zware maanden ging alles stilaan beter met mij. Door alle vaardigheden die ik kreeg aangeleerd, en door alle therapiesessies waarbij we nadien in de ‘realistische’ wereld moesten gaan oefenen, voelde ik mezelf elke week een beetje sterker worden. Ik kon mijn emoties herkennen en rustig worden zonder in een crisis te gaan en negatief gedrag te vertonen, ik kon in bepaalde situaties met respect omgaan naar anderen toe zonder iemand uit te schelden of te kwetsen, en ik kreeg weer zin om te leven omdat ik sterker was en mezelf klaar voelde om weer naar de ‘buitenwereld’ te gaan.

Ik kreeg mijn ontslag, nam mijn koffers en ging terug naar huis. Ik mocht aan het echte leven beginnen met alles wat ik tijdens mijn lange opname geleerd had. De eerste weken thuis kwam ik in een zwart gat terecht. Ik had niks om handen en wist niet goed hoe ik mijn leven weer op rails kon krijgen. Deze periode heeft enkele maanden geduurd, maar dan kwam het besef van “oké, dit is niet het leven dat ik wou en ik wil er graag verandering in brengen door iets nuttigs te gaan doen”.

Ik wou gaan werken, maar zonder diploma werd ik overal geweigerd. Een slag in mijn gezicht want ik was echt wel gemotiveerd. Uiteindelijk heb ik dagenlang nagedacht over wat ik zou gaan doen met mijn leven en ben ik uiteindelijk de uitdaging aangegaan om terug te gaan studeren, maar dan aan het volwassenenonderwijs. Dit was mijn allerleukste schoolcarrière en heb er dan ook nooit spijt van gehad dat ik deze beslissing genomen had. Met grote onderscheiding studeerde ik af, en ik was trots op mezelf dat ik dit bereikt had op mijn eentje. Eindelijk kon ik weer aan het echte leven beginnen!

Heb ik vandaag nog last van mijn Borderline?

Ja, absoluut ja!

Ik denk niet dat mijn borderline ooit 100% verdwijnt uit mijn hoofd. Elke dag opnieuw is het nog steeds een grote strijd tegen mijn hevige emoties wat het soms erg vermoeiend maakt waardoor ik totaal uitgeput ben. Ik kan bijvoorbeeld snel in paniek slaan, bij de kleinste negatieve situaties een rampscenario afspelen in mijn hoofd en enorm impulsief gedrag stellen. Ook drukke plaatsen vermijd ik liever en ik ben nog steeds ontzettend perfectionistisch.

Ook heb ik ontzettend veel last van stemmingswisselingen en negatieve gedachten. Gedachten om mezelf iets aan te doen en gedachten aan de dood zijn soms erg acuut aanwezig en dat is ook typisch voor personen met borderline, maar dan is het de kunst om ervoor te zorgen dat die gedachten geen realiteit worden en dit lukt me ook door mijn vaardigheden toe te passen of mijn crisisplan te gebruiken, want als je borderline alles laat overnemen en er niet tegen vecht, loopt het gegarandeerd fout.

Tenslotte ben ik 24/24 aan het piekeren over onschuldige dingen die ik dan ontzettend uitvergroot en dus soms heel nutteloos een probleem kan maken van kleine dingen. Ik ben ontzettend chaotisch in mijn hoofd omdat ik met honderd dingen tegelijk bezig ben dus ik put mezelf continu uit.

Wat mij goed helpt om te (over)leven met borderline?

Een omgeving (vrienden, familie, partner) die weet dat ik hiermee kamp, en hier in bepaalde situaties ook rekening mee kan houden. Niet om borderline vrij spel te geven, maar wel om het de ruimte te geven dat ik mezelf kan zijn. Ik heb bijvoorbeeld steeds een duidelijke en strakke planning nodig zodat ik weet wat er allemaal moet gebeuren om chaos in mijn hoofd te vermijden en alles rustig te laten voorlopen. Ik heb echt een vaste structuur nodig in mijn leven om borderline draaglijker te maken.

Ook in mijn handtas heb ik een klein boekje met een korte samenvatting van mijn DGT waarbij ik dus altijd even kan spieken als het wat moeilijk gaat.

Ik ga mezelf geen ‘freak’ noemen en continu bezig zijn met mijn vaardigheden, want overdrijven is ook niet goed. Mijn vaardigheden zijn steeds aanwezig in mijn hoofd, maar dan wel op de achtergrond. Het is de bedoeling dat ik me nog kan focussen op andere zaken in mijn dagelijkse leven.

Wat mij ook nog helpt is om enkele crisisplannen in de buurt te hebben bij bepaalde emoties die gevolgd zijn door negatief gedrag. Een crisisplan bij mij is eigenlijk een stappenplan waarin bepaalde emoties staan, en hoe ik daar op een negatieve manier zou op reageren. Zo kan ik negatieve situaties op tijd herkennen en aan de alarmbel rinkelen als het fout dreigt te gaan. Verder staan er enkele activiteiten of vaardigheden bij die ik kan toepassen om dus een crisismoment te voorkomen en positief te handelen.

Er zijn dus heel wat dingen die kunnen helpen om een leven met borderline draaglijk te maken. Het is wel een kwestie van uit te zoeken WAT er precies voor jou helpt, want dat is bij iedereen anders. Dit kost wel wat tijd en kan erg frustrerend zijn als het in het begin steeds misloopt, maar eens je het gevonden hebt gaat alles de positieve kant uit! Ook jezelf blijven motiveren om niet op te geven is een goede eigenschap!

 

31253012_1810001722372271_7153358148491804672_n

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: